Koninklijke Bibliotheek archiveert
deze website als "Digitaal Erfgoed"

De Hoge Bank van Zuilichem | 1401 - 1460

Overzicht van 235 actes. (Veel teksten moeten en zullen nog nagezien worden.)

02-03-1401. schepenen Jan die Koc van Delwinen en Mathijs van Aelst
bovenschrift: Bruechem

marge: 1401

Transfixa supra predicta

Wij Jan die Koc van Delwinen ende Mathijs van Aelst scepen in Zulichem tugen
dat voir ons komen is Aernt Hagen Hagens soen ende heefft vercofft ende opgedragen
voir twehondert pont gever penningen die hij giede dat hem betailt sijn den brieff
daer desen tegenwoirdigen brieff doirsteken is ende alle 't gehaut des brieffs als daer
in gescreven steet Rutger Dircks soen ende Gloren sijnre suster erffelicken te besitten.
Ende Aernt Hagen voirg. verteech opten brieff ende op 't gehaut des brieffs voirss. ende
geloeffde dair op doen te vertien allen die gene die van sijnre wegen daer mit
recht op vertien sullen. Ende geloeffde oick te waren van sijnre wegen Rutger ende Glo-
ren voirss. den brieff ende 't gehaut des brieffs voirss. jair ende dach als recht is voir
allen die gene die ten recht komen willen. Ende van sijnre wegen alle voirplicht aff
te doen vanden selven. In orkonde onser litteren. Gegeven int jair ons Heren dusent
vierhondert ende een des woensdages nae sunte Mathijs dach.
des woensdages nae sunte Mathijs dach (24 feb. Sint Matthias) = 2 maart
(of is het Sint Mattheus dag 21 sept.?) = 28 sept.
scan: 182-3
Transfix.
Hangt aan: 29-07-1381
Aanhangend: 01-03-1403
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f.106v)
18-03-1401. schepenen Jan die Koc van Delwinen ende Jan van Amerzoyen
bovenschrift: Bruechem

marge: op die vergen, III 1/2 hont, 1401

Wij Jan die Koc van Delwinen ende Jan van Amerzoyen scepen in Zulichem tugen
dat voir ons komen is Aleijt dochter Jans Struven mit horen gecoren momber ende
heefft vertegen op een helfft van soeven hont lants gelegen inden gericht van
Bruechem op die verghen tusschen Mechtelt Tielkens ende Jan Vrancken soen gelijck
als hoir die mit recht aenbestorven sijn overmidtz dode Gerit soen Gerits Jan Struve
soens tot behoeff der tafelen des Heiligen Geest van Zautbomell erffelicke te besitten
Ende Aleijt mit horen gecoren momber voirss. geloeffde van hoerre wegen alle voirplicht
aff te doen vanden selven. In orkonde onser litteren. Gegeven int jair ons Heren M.
vierhondert ende een opten achtienden dach inder maent van merte.
scan 179-1
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f.105 / scan 179)